Fascinatie is de sleutel tot kwaliteit

Een Daimler Double Six kopen in Zwitserland Nederlandse tekst

maart 2008, sterk uitgebreid juni 2019

Overzicht van deze pagina

Werk in uitvoering …

Ik ben de pagina aan het omwerken, dus het is een beetje een zooitje. Maar misschien wil je het toch wel lezen.

Voorbereidingen voor de reis naar Zwitserland

februari en juni 2019

Uiteindelijk koos ik ervoor te proberen een zeer goede Daimler Double Six uit Zwitserland te importeren, omdat de wagens daar bijna zonder uitzondering zeer zorgvuldig worden gebruikt en onderhouden, veel ervan slechts op mooie dagen worden gebruikt en dus weinig kilometers hebben en ze desondanks ten opzichte van goede Nederlandse exemplaren toch niet peperduur zijn. Ook al was ik me ervan bewust dat er nog invoerkosten bijkomen.

Van de veertien wagens die ik vond en documenteerde, waren er enkele die ik zeer hoog waardeerde en daarvan stonden er drie te koop in de buurt van Genève. Dat waren de drie Daimlers die ik op de vorige pagina liet zien. Mijn plan was om thuis zoveel mogelijk informatie te vergaren, een afspraak te maken met de eigenaren en met de trein naar Zwitserland te reizen. Enkele reis! Vervolgens zou ik de drie wagens bezoeken en met één ervan naar huis rijden.

Het contact met de eigenaren liep eigenlijk alleen in het geval van de helderblauwe gesmeerd. Ik moest weliswaar in het Frans mailen, maar met het woordenboek en bereidwilligheid van de andere kant kwam ik er wel uit. Juist omdat ik zoveel informatie kreeg (ik wist inmiddels vrij goed waarnaar ik moest vragen), wekte deze verkoper een goede indruk en zijn wagen eveneens. Ik noem deze wagen ter verduidelijking die van het architecten-echtpaar. Het contact met de garage van de 'bronzen' Double Six was nogal moeizaam, maar ik wist waar hij te vinden was en ik was van plan deze mooie wagen in mijn afweging te betrekken. Voor wat betreft de derde lag dat anders. De verkoper reageerde niet of nauwelijks. En dat terwijl ik het vooral qua kleurcombinatie ook een prachtige wagen vond en bovendien was hij het laagst geprijsd.

Vervolgens waren er nog twee onderwerpen waarin ik zeer veel voorbereiding heb gestoken. Hoe kan ik een Zwitserse auto naar Nederland rijden? Hoe zit dat met kentekens en verzekering? En, nog complexer, hoe moet ik de wagen uit Zwitserland uitvoeren en vervolgens op de grens de Europese Unie weer invoeren? Onderweg ja.

Met een Zwitserse wagen naar Nederland rijden

Het importeren van een auto van buiten de Europese Unie is erg veel werk. Je kunt het allemaal uitzoeken maar wanneer weet je dat je aan alles gedacht hebt? En het naar Nederland rijden vergt ook veel voorbereiding. Daarom is het het makkelijkst de gehele klus uit te besteden. De man die de Westminster Blue Double Six te koop had, wilde dat voor me doen. En er waren ook andere bedrijven te vinden die dit of een deel van de klus wilden doen. Maar zoals wel vaker: als ik eenmaal uren aan het besteden ben met te informeren wat ik wel en niet zelf kan, dan vind ik het aanlokkelijk er nóg dieper in te duiken en alles zelf te doen. Het is leuk én het scheelt minstens duizend euro … beide spreken mij aan Lachebekje

De Zwitserse eigenaar zal zijn eigen kentekenplaten willen terughebben als je de auto koopt. Bovendien wil hij natuurlijk niet dat jij als onbekende op zijn verzekering naar het buitenland gaat rijden. Je zult dus aan je eigen kentekenplaten en verzekering moeten komen.

De RDW geeft voor het rijden van een auto vanuit het buitenland naar Nederland geen kenteken af. Punt … lekker behulpzaam.

Nu hebben veel landen mogelijk exportkentekens. Uiteindelijk heb ik er bij Zwitserland niet meer naar geïnformeerd. Met zo'n exportkenteken kun je naar Nederland rijden (hoewel … zie verderop). Na een flinke tijd besteed te hebben aan het in kaart brengen van wat er allemaal nodig is, besloot ik een Duits exportkenteken aan te vragen – of nee: niet een Ausfuhrkennzeichen, maar een Kurzzeitkennzeichen. Daarvoor heb ik een Nederlands bedrijf ingeschakeld dat dit voor me regelde, maar ik begreep tien jaar later dat je dit ook rechtstreeks bij het Strassenverkehrsamt kunt bestellen. Zie deze website: https://www.strassenverkehrsamt.de/kfz-zulassung-kurzzeitkennzeichen/bestellen. Men maakt een kenteken dat vijf dagen geldig is, ingaande de dag nadat je het aanvraagt. En dan moet het nog naar Nederland worden gestuurd, wat per koerier gebeurt. Er is standaard een verzekering bij inbegrepen, handig!

Maar, vertelde een douaneman mij in een 10 minuten durend telefoongesprek, rijden als Nederlandse ingezetene met een buitenlands kenteken is verboden! Erger nog, je verzekering is ongeldig! Je moet in Nederland dan met een Nederlands eendagskenteken rijden. Daarvoor moet je ook al een Nederlandse verzekering afsluiten. De RDW geeft dit eendagskenteken uit. Maar dat is alleen bedoeld om linea recta naar een RDW keuringsstation te rijden, bijvoorbeeld om de auto te importeren en van Nederlandse papieren te voorzien. Het enige dat er wél eenvoudig aan is, is dat je de kentekenplaten zelf mag maken. Sommige Nederlandse autoriteiten beweren dus dat je met een buitenlands kenteken als Nederlandse staatsburger niet mag rijden. De Duitse autoriteiten beweren echter dat dit strijdig is met de Europese regels, die vereisen dat er in de Europese Unie geen onderscheid gemaakt wordt naar land van herkomst. Leo de Haas heeft voor zijn televisieprogramma Blik op de Weg dit in 2014 tot de bodem uitgezocht en concludeerde dat de Nederlandse autoriteiten de rest van de Europese autoriteiten tegenspreken. Kortom, volgens de Europese regels mag je met een Duitse kenteken van Zwitserland naar Nederland rijden. Pas op het laatste moment, nadat ik al vele uren aan het zoeken van informatie had besteed, ontdekte ik dat sommige Nederlandse autoriteiten vinden van niet, dus ik heb me van de domme gehouden en het gewoon gedaan.

Ik ben niet bij de grens met Nederland gestopt en ook niet eerder om de auto in de Europese Unie in te voeren, maar wel om de auto uit Zwitserland uit te voeren. En dat was nog een helse klus. Kortom, de Daimler Double Six stond met Duitse Kurzzeitkennzeichenplaten uiteindelijk voor mijn deur.

Export- en importperikelen

Zwitserland is geen lid van de Europese Unie. Dat betekent dat een auto officieel moet worden ingevoerd in de Europese Unie. Tijdens de voorbereiding thuis, die ik heel grondig heb uitgevoerd omdat ik zeker wilde weten dat alles onderweg goed zou gaan, ontdekte ik dat dit bepaald niet eenvoudig is. Later hoorde ik van iemand anders dat het allemaal wel meeviel: hij had veel minder stappen ondernomen dan ik en ik weet eigenlijk niet of dat wel legaal is of dat ik het gewoon te zakelijk heb aangepakt. Ik heb de wagen bijvoorbeeld officieel ingevoerd en BTW betaald, terwijl dit misschien was te voorkomen door alleen naar de RDW te gaan, die daar verder geen lastige vragen over stelt. Maar dat is waarschijnlijk niet legaal. Wat ik deed is dat zeker wel. Overigens is daardoor mijn Double Six ook een BTW-wagen geworden (wat dat is laat ik nu maar weg …).

Voor het importeren kwam ik uiteindelijk, vóór ik naar Zwitserland afreisde, tot de volgende stappen.

  • Het importeren van een auto in de Europese Unie is belast met 10% importheffing. Behalve … zie verderop. Tsja, zoals gebruikelijk ontkom ik niet aan een verhaal met nuances … heb ik altijd Lachebekje
  • Het te importeren object wordt belast met (toen nog) 19% BTW. De BTW wordt geheven over de aanschafprijs, waarvoor je een factuur of betalingsbewijs moet overleggen.
  • Hoe dan ook moet je de auto laten inklaren. Tijdens dat proces worden genoemde importheffing en BTW berekend en in rekening gebracht.
  • In Nederland moet je de auto bij de RDW registreren. Maar je moet erom denken dat met de registratie van de auto door de RDW de import nog niet gedaan is, dat is een apart proces dat eerst moet gebeuren! De RDW moet een bewijs zien dat de auto ook voor de Nederlandse markt is toegelaten. Dat moet in principe via een Certificaat van Overeenkomst (niet te verwarren met het later nog ter sprake komende Certificaat van Oorsprong …)
  • De auto moet gekeurd worden voor de APK. Dit kan tegelijk met de registratie door de RDW. Een geldige APK uit een ander EU-land wordt in principe tegenwoordig ook overgenomen. Over een Zwitserse 'expertise' kreeg ik tegenstrijdige informatie, tsja.
  • Er moet de typisch Nederlandse 'extra extra' belasting over worden betaald, de BPM. De oorspronkelijke BPM wordt berekend over de netto catalogusprijs (de consumentenprijs minus de BTW). De bij import alsnog te betalen BPM is hier een deel van. Het zou immers raar zijn als je over een twintig jaar oude wagen die je voor bijvoorbeeld tweeduizend euro koopt nog de oorspronkelijke BPM van zeg vijfentwintigduizend euro zou moeten betalen. Dit BPM-percentage kan op verschillende manieren worden berekend: met een koerslijst, een taxatierapport of met een forfaitaire afschrijving. Dit laatste behelst dat er op de waarde van de auto volgens een vaste systematiek wordt afgeschreven, onafhankelijk van wat de auto in het economisch verkeer waard is. Deze laatste mogelijkheid is het aantrekkelijkst voor dit soort auto's. De belastingdienst heeft hier een tabel voor. Auto's ouder dan 9 jaar en 6 maanden worden met 90% afgeschreven (ik zie dat in 2019 92% is!?) plus 0,083% per maand (1% per jaar) dat ze ouder zijn dan 9 jaar en 6 maanden. Dat betekent dat voor een auto pas geen BPM hoeft te worden betaald als hij 19,5 jaar oud is (2019: 17,5 jaar).

Stel: ik ga voor een Daimler Double Six van maart 1993, die is dus precies 15 jaar oud. Als de consumentenprijs voor 1993 € 98.470 was, dan is de netto catalogusprijs € 60.907, de BPM € 25.990 en de BTW € 11.572. Als deze wagen me in Zwitserland € 7.000 kost, kost hij bij invoer dus nog eens

  • invoerrechten 10% € 700;
  • 19% BTW (toen nog!) over de aankoopprijs plus invoerrechten = € 1.463
  • BPM precies 15 jaar is (1 – 90% – 5,5%) × oorspronkelijke BPM is € 25.990 = € 1.175

Totaal € 10.338. Dus importeren van buiten de Europese Unie heeft letterlijk zijn prijs!

Theoretisch zou je de auto moeten aangeven zodra je de Europese Unie in rijdt. Het probleem is dat je daarbij ook de hele papierwinkel in orde moet maken, inclusief de inklaring, het afrekenen van de importheffing en de BTW en dat is een zeer technische en tijdvretende kwestie. Het is ook te doen met de wagen naar Nederland te rijden en daar naar een zogenaamde 'Douane-expediteur' te gaan. Je kunt het volgens mij uiteindelijk ook zelf, maar dan moet je heel goed de weg weten in de benodigde formulieren en codes. Ik heb hiervoor een afspraak gemaakt met Dutch Road, dat kostte me € 70.

Omdat ik de auto voor mijn bedrijf gebruik, kon ik de betaalde BTW terugvragen, dus dat scheelt al. Volgens mij is de wagen sindsdien wel een zakelijke met BTW belaste wagen geworden, waarvoor ik bij doorverkoop ook weer BTW moet vragen.

Er was een lichtpuntje, maar dat bracht wel een hoop gedoe met zich mee. Een man van de de Nederlandse Douane vertelde me telefonisch dat je geen importheffing (van 10%) hoeft te betalen als de wagen van oorsprong uit de Europese Unie komt. En het is een Jaguar, dus dat is het geval. Je kunt dan de douane in Zwitserland om een Certificaat van Oorsprong vragen (niet te verwarren met het Certificaat van Overeenkomst, dat aangeeft dat auto als type ook in NL bestaat, zie elders). Je zou dat moeten aanvragen bij een Zwitserse kamer van Koophandel, althans, zo werkt het in Nederland. Je krijgt dan een formulier Eur.1. Het Eur.1-formulier moet door de eigenaar zelf ondertekend worden.

Maar … in Zwitserland blijkt dat anders te werken. Op 27 februari 2008 had ik een heel goed en nauwgezet mailcontact met een Duitstalige Zwitserse douane-expert (snap je nou hoeveel werk dit was?!). Fijn dat zulke mensen bestaan en dat ik ze wist te vinden! Hij heeft uitgelegd hoe Eur.1 werkt en op mijn nadere vragen antwoord gegeven. Je geeft normaliter met een Eur.1-verklaring aan dat het goed in het betreffende land is geproduceerd of veranderd en dan hangt het van het vrijhandelsverdrag af of je importheffing moet betalen. Maar de Daimler is in Engeland geproduceerd! Dit kun je ook aangeven, aldus de mail van deze man. Dat hoef je niet te bewijzen en hij voegde daaraan toe: "But, in fact, the possibility of a demand for legal assistance in such a case is very little. Who should doubt the British origin of a Daimler Double Six?" Humor, waarvoor ik hem hartelijk heb bedankt, maar toch met name voor de uitgebreide informatie.

Aan de Zwitserse grens moet je (daarover heb ik weer contact gehad met Dutch Road) bij de douane het Eur.1-formulier tonen. Daarop krijg je ter plekke een exportdocument, T1, dat daar van stempels wordt voorzien. In Nederland ga je naar de Douane voor de feitelijke invoer, in praktijk dus naar een 'Douane-expediteur' die dit voor je doet. Met het gestempelde formulier hoef je dan geen importheffing te betalen en daar was het me om te doen.

Hoe werkt dat aan de grens? Je ziet, het is een oerwoud aan procedures, die ik allemaal tevoren in de vingers wilde hebben want je zult maar onderweg staan en iets over het hoofd gezien hebben of thuis zijn met een wagen die je nooit op Nederlands kenteken krijgt. Volgens de Zwitserse douane-beambte: "If you pass the border, you are obligated to do the export customs clearance procedure. You must do this on the normal opening hours of the customs offices in the commercial traffic. Due to the export, you must fill out an exportation form, including some data about the vehicle (brand, type, nr. of chassis, value, etc.). This form is called 11.030 and can be filled out directly at the border. It is very important to present there the filled out and signed form EUR 1 to be stamped by the customs office. There will be no taxes or customs duties to be paid at the export." Ik heb beide formulieren, die je niet kunt downloaden, besteld bij de Zwitserse douane, ze werden per post met rekening opgestuurd, ze kosten nog geen twee kwartjes …

Tegen de tijd dat je bij de RDW komt, moet je behalve je legitimatie ook het originele buitenlandse kentekenbewijs overleggen! De eigenaar wilde dat eigenlijk niet afgeven, maar dat is beslist nodig! Zodra de wagen is overgeschreven in het Nederlandse systeem, stuurt de RDW het originele kentekenbewijs terug naar de autoriteiten in het land van herkomst.

De RDW zal de auto alleen een kenteken geven als deze een typegoedkeuring heeft, met andere woorden: als van dit merk en model auto ooit is vastgesteld dat het aan alle eisen voldoet voor deelname aan het wegverkeer. In principe is dit het makkelijkst te bewijzen door een Certificaat van Overeenstemming te overleggen. Maar dit type formulier blijkt ten tijde van de productie in 1993 nog niet te bestaan. Daarnaast weet ik dat de Daimler Double Six in Nederland in 1993 ook nieuw geleverd werd en dat betekent dat het in principe voor de RDW makkelijk moet zijn om het juist type aan deze wagen toe te kennen (soms gaat dat fout, ik weet niet of u wel eens uitgebreid kentekens hebt opgezocht bij de RDW: je ziet van een geïmporteerde auto dan bijvoorbeeld staan "Jaguar Double Six", spelfouten of bijvoorbeeld dat de cilinderinhoud 6000 cc is terwijl dit op typegoedkeuring 5993 cc is: de wagen is dan kennelijk handmatig ingevoerd omdat de beambte de typegoedkeuring niet kon vinden). Ik weet niet meer wie me de informatie gaf, maar iemand heeft me destijds via een andere Nederlandse Daimler Double Six verteld wat de typegoedkeuringscode van deze wagen was: dat was bij de RDW heel handig.

Ik toog dus naar Zwitserland met een stapel documenten en een takenlijst met dingen waaraan ik moest denken. Om ook op reis te kunnen overleven, zeulde ik een rolkoffertje met me mee.

Een probleem op het laatst was nog dat ik met een zak Zwitserse Franken in mijn tas naar Zwitserland moest reizen. Het bleek extreem kostbaar en tijdvretend om deze in Nederland op te nemen dus ik heb een andere oplossing bedacht.

Het vervolg op dit verhaal is de daadwerkelijke export en import en dat lees je na het verhaal over het kopen van een Daimler Double Six! Ja, jongens en meisjes, we zijn er nog niet!

Op reis naar Zwitserland en naar mijn favorieten in en om Genève

Het eenvoudigst was het eigenlijk nog een enkele reis met de nachttrein te boeken en in Genève mijn weg te vinden. Zonder slimfoon want die bestonden toen nog net niet Lachebekje Ik had wel een TomTom bij me met een volle accu, maar de GPS-positiebepaling moest zo lang nadenken vooraleer hij zich realiseerde dat hij in Zwitserland was dat ik er niks aan had.

Een geweldig onderdeel van dit toch wel geweldige avontuur (ik hoop dat u het ook als zodanig ervaart!) was natuurlijk de reis met de nachttrein naar het Alpenland Zwitserland, te beginnen in Amsterdam. Ik zat met een aantal jonge mensen in een coupé en dat liep allemaal goed. Op zeker moment werden de banken omgetoverd tot bedden, met zes in één coupé (er bestaan duurdere oplossingen). Harde bank, maar grosso modo goed geslapen en af en toe even naar buiten gekeken, gaaf. Het mooist is het nog met de trein langs de berghellingen te rijden en de besneeuwde toppen van de Alpen te zien liggen. Het was teveel gedoe, ook voor mijn medepassagiers, om mijn digitale camera tevoorschijn te halen, maar mijn Nokia telefoon kon dat min of meer ook: zie hiernaast rechtsboven. Magisch!

Een complicatie voor de hele reis dat juist nu mijn vader zou worden geopereerd aan complicaties van darmkanker. Mijn broer en zus bleven op hun post, ik zou de reis gaan maken die ik toch al had gepland, ik kon toch niet veel doen. We hielden per sms contact.

Feitelijk kon de reis niet zo verlopen als ik me aanvankelijk had voorgesteld: ik zou naar drie favoriete wagens lopen of met het openbaar vervoer, ze minutieus bekijken en dan de koop wel of niet sluiten. Ik had kaartjes afgedrukt enzovoort enzovoort. Ik moest tevoren zoveel weten, over de auto maar ook over de manier van betalen, dat er één combinatie auto en verkoper favoriet was. En die was niet direct in Genève dus ik moest er per trein naar toe en daarom plande ik dat als laatste.

Ik zou eerst naar de bronzen Double Six gaan, daarna naar de turkooise (Kingfisher) en vervolgens naar het station lopen om naar de wagen te gaan die tevoren mijn favoriet was. Uiteindelijk kwam ik tijd te kort en het was warm en ik heb meer dan tien kilometer door Genève gelopen met mijn met paperassen en overlevingsspullen volgestouwde rolkoffertje, dus ik besloot niet naar de Kingfisher blauwe te gaan.

De eerste favoriet: de bronzen Daimler Double Six

maart 2008 vóór de reis naar Zwitserland

De eerste favoriet die ik had geselecteerd is de Daimler Double Six uit 1994 die door een garagebedrijf in het noordwesten van Genève wordt aangeboden. Het is een bronzen wagen met 85.000 km op de teller en hij is (nog) een stuk goedkoper dan de kandidaat die ik hierna zou bezoeken.

Na enig heen en weer mailen in afwisselend Frans en Engels, kreeg ik ook van deze Daimler foto's, die ze speciaal voor mij maakten. De kleur brons zie je niet veel; ik kan niet vinden dat deze inderdaad in 1993 en 1994 geleverd werd. Het chroom valt iets minder op, maar toch is het een mooie kleur. Had de architecten-Daimler de standaard DD6-velgen met de fijne spaakjes en naafkappen, deze heeft, zoals veel Zwitserse auto's, vlakke velgen met een aantal parallelle bundels spaken. Dit zijn 16-inch-wielen, in tegenstelling tot de normale 15-inch (waarvoor overigens nog maar van één fabrikant banden te krijgen zijn, Pirelli P4000).

De interieurkleur is fraai, mogelijk Barley. Naast deze gelige kleur heb je dus nog de witte Magnolia en een lichtbruine kleur. De donkerder kleuren vind ik hoe dan ook niet aantrekkelijk. Deze auto heeft onder meer een airbag voor de bijrijder, waardoor er geen dashboardkastje is. De bijrijdersstoel heeft geen geheugen, wat in 1993 nog standaard leek te zijn. Bijzonder is de bekerhouder in de middenarmsteun. Verder valt op dat er een niet-originele CD-speler is gemonteerd, wat je ook aan de wisselaar in de kofferruimte kunt zien.

Ik heb wat vragen gesteld. De auto schijnt roestvrij te zijn, al zie ik bij de dorpel van de kofferbak mogelijk roest. Maar dat kunnen ook blaadjes en vuil zijn, die je in wel meer kieren ziet, op deze voor nauwgezette inspectie eigenlijk te kleine foto's. De foto van de achterruit vond ik merkwaardig en leek mij genomen om te laten zien dat deze gebarsten is. Nader onderzoek (ook van André) toonde aan dat dit onjuist is. Het ging de verkoper waarschijnlijk om de zonneschermen.

Ik heb deze wagen op vrijdag 14 maart 2008 ter plekke bekeken, hoewel de garagemannen op de naburige Autosalon van Genève rondliepen en de vrouw tussen de middag de zaak sloot, waardoor ik geen gelegenheid had de wagen van binnen te bestuderen of te rijden. Niettemin zag ik direct al dat de wagen niet gaaf was. Er zaten verschillende krassen en deukjes op. Bovendien was de kilometerstand 115.900, niet 85.000. Maar toch had ik haast de neiging deze óók maar mee te nemen, hij was hoogstens iets minder prachtig. Maar ja … op naar die van de architecten!

De turquoise Daimler met zwart dashboard

maart 2008 vóór de reis naar Zwitserland

De tweede is de Daimler Double Six uit 1994 met de mooie maar ietwat modieuze Jaguarkleur amethyst (RS 2011: nee, dit is kingfisher blue; amethyst is felblauw). Helaas krijg ik op geen enkele manier contact met de verkoper, een garagebedrijf ten zuiden van Genève. Ik heb eens gebeld, maar kan mij in het Frans nauwelijks verstaanbaar maken. Men dicteerde een mailadres, maar noch daarop, noch op twee mails (Engels en later heus Frans) via de advertentiewebpagina kwam enige reactie. Dat maakt de wagen direct minder aantrekkelijk.

De Daimler is het goedkoopst van de drie en heeft de door mij zeer gewaardeerde interieurcombinatie magnolia of burley en zwart dashboard en portierrand. Die combinatie van lichtgekleurd leer met een zwart dashboard had de Daimler die ik hier in Limburg zag ook en dat vond ik de mooiste combinatie. Het hout ziet er eveneens mooi donker uit. Het stuur zou origineel kunnen zijn; de pookknop past erbij. Daardoor doet zich de vreemde situatie voor dat deze Daimler geen bestuurders-, maar wel een bijrijdersairbag heeft.

Ik vind de kleur amethyst mooi. Mogelijk zie ik een deukje op het linkervoorspatbord. De Daimler heeft dezelfde 16"-velgen als de bronzen hierboven; ik heb de indruk dat deze voor 1994 standaard waren maar je ziet ze in Nederland weinig. De ronde koplampen zijn standaard op de goedkoopste Jaguar XJ40; de Jaguar Sovereign en de Daimler hadden de rechthoekige. Deze koper heeft ze vermoedelijk als optie besteld omdat hij, als veel anderen, vond dat de ronde koplampen meer het Jaguar-idioom vertegenwoordigen. Ik vind het niet bij het ontwerp horen en daarnaast weet je dat ze bij het goedkoopste type horen, maar misstaan doen ze niet, zeker niet met de chroomringen er omheen (je ziet ze ook wel zonder). Ze zijn overigens met enige moeite wel te vervangen door rechthoekige; er zijn er veel die het andersom doen dus er moet nog wel ergens een stel overschieten …

Ik heb van de verkoper geen foto's mogen ontvangen, dus we moeten het doen met de matige en bovendien sterk gecomprimeerde foto's van de advertentiewebpagina.

Ik heb deze wagen op vrijdag 14 maart 2008 niet meer bekeken, omdat ik daarvoor te weinig tijd had. Alles wees erop dat de solent blue Daimler van het architectenechtpaar het aantrekkelijkst zou zijn en omdat ik al meer dan 10 kilometer gelopen had en mogelijk ook de douane nog wilde bezoeken, besloot ik deze Daimler verder te laten voor wat hij was. Op naar die van de architecten!

De solent blue Daimler van het architectenechtpaar

maart 2008

De eerste is de Daimler Double Six uit februari 1993 van het architectenechtpaar, die zij in mei 2003 met 44.000 km op de teller kochten. Ze verkopen hem nu omdat ze zich als architect in Istanbul vestigen. Deze Daimler heeft nog slechts 70.000 km gereden! De Daimler staat bij zijn ouders in Allaman, aan de noordkant van het meer van Genève.

De Daimler is blauw metallic, in een kleur die lijkt op die van de Rover en dus niet zo donker en saai als de eerste Zwitser die mij, ondanks die kleur, zo enthousiast maakte. Het moet de kleur solent blue zijn, dezelfde als van de auto die ik bij een Zwolse garagist zeer uitgebreid bekeken heb (maar waar te veel aan mankeerde). Het interieur is zoals het een Daimler betaamt overal van leer; de kleur is waarschijnlijk Magnolia. Deze bijna witte kleur wordt vaak als meerwaarde gezien en ik vermoed dat dat komt doordat het aangeeft dat het leer van de beroemde Engelse leerfabrikant Conolly vandaan komt (dat heb ik ook weer achterhaald). Volgens de eigenaar is het hout "acajou" oftewel mahonie, maar ik denk dat het wortelnotenhout is. Het is iets minder donker dan bij de Daimlers met een zwarte bovenkant van het dashboard en portieren.

Ik ben met name enthousiast over deze auto omdat hij weinig kilometer heeft gelopen en omdat ik een intensief contact met de eigenaar heb. Hij heeft een waslijst van vragen van mij beantwoord en kon zich ook voorstellen dat ik dat allemaal wilde weten, omdat ik tenslotte niet even kan gaan kijken. 27 februari meldde hij zelfs dat hij graag wil "dat de wagen in goede (jouw) handen komt".

Er zijn drie voorbehouden bij deze wagen. De eerste is dat de laatste beurt heeft laten zien dat de achtervering aan vervanging toe is. Daimlers zijn uitgerust met automatische niveauregeling en bij vele exemplaren is deze aan vervanging toe. Dit is een kostbare operatie. Het tweede voorbehoud is dat ik het interieur (voor mij heel belangrijk) van de andere twee warmer van kleur vind, met name van de bronzen. De wagen is bovendien veel duurder dan de andere twee (maar nog steeds heel betaalbaar, zo goedkoop zelfs dat ik soms denk: waarom niet alle drie?!).

Hieronder kun je de foto's bekijken die de eigenaar mij gemaild heeft. Klik erop voor een vergroting en op de pijlen of een foto voor de volgende. (Dit stuk pagina en de achterliggende pagina's heb ik automatisch gegenereerd met de html-catalogus-optie van GraphicConverter en daarna heb ik uren aan de html/css zitten sleutelen.)

Foto's en code nog actualiseren

Inmiddels kan ik deze pagina actualiseren met de mededeling dat ik donderdagavond 13 maart per nachttrein een enkele reis naar Zwitserland heb gemaakt, gewapend met allerlei importdocumenten, kaarten, gegevens over de douanekantoren en zelfs wat gereedschap. Plus een tandenborstel. Ik had voldoende vertrouwen in de informatie die ik van met name bovengenoemde limousine had verkregen om er de (enkele) reis naar Zwitserland voor te durven boeken. Met de architect had ik ook werkelijk een afspraak, of beter gezegd: mijn reis heb ik afgestemd op zijn bezoek aan zijn ouders, waar hij voor het eerst in het half jaar dat hij in Istanbul verbleef weer kwam.

Na het bezichtigen van de hieronder genoemde bronzen Daimler in Genève, die al snel afviel, heb ik een treinkaartje gekocht en ben naar Morges gereisd, een kleine 40 km naar het oosten. Daar werd ik door de architect van het station gehaald en heb ik de Daimler, die sinds hij met zijn vrouw in Instanbul woont en werkt bij zijn ouders in Allaman stond, aan een nauwgezet onderzoek onderworpen. Er waren wel wat kleine schrammen en krassen zichtbaar, maar over het geheel genomen is deze wagen in perfecte staat. Zeker het prachtige en schone interieur en de schone motorruimte maakten indruk.

We kwamen tot overeenstemming en hebben een koopovereenkomst getekend (ook nodig voor de import) en het Eur.1-formulier ingevuld, voor zover ik dat thuis nog niet kon. Ik kreeg alle mogelijke documenten mee, niet alleen een kleine tien Daimler-handleidingen, maar ook het onderhoudslogboek, de uitlaatgastesten en het sinds september vervallen Zwitserse kentekenbewijs. Mijn tijdelijke Duitse kentekenplaten, waarmee de auto op de weg mag en verzekerd is, werden gemonteerd. Vervolgens ben ik vertrokken en heb verderop met een fraai uitzicht op het Meer van Genève (zie foto boven) de Daimler ingericht op de thuisreis en ben de douane-formaliteiten gaan vervullen. Dat viel nog niet mee omdat de door mij geselecteerde kantoren niet 's nachts of op zaterdag open waren voor commercieel verkeer, ondanks wat hun webpagina's vermeldden. Ook het vinden van een hotel lukte niet, vanwege de Autosalon die die dagen in Genève plaatsvond. Een avontuur was het dus beslist. Uiteindelijk lukte het vervullen van de douaneformaliteiten met het door mij verlangde stempel op de Eur.1-verklaring zaterdagochtend, na een half doorwaakte nacht. Uiteindelijk kwam ik zondag 15 maart 2008, na een goede nacht in een knus zeventigerjaren familiehotel en een bezoek aan de Palmzondagmis in de Dom van Keulen, na 1300 kilometer rijden in Nieuw-Vennep aan.

De vorige eigenaar meldde dat bij de laatste beurt de garagist had gemeld dat de achterwielophanging aan het einde van zijn levensduur was. Dat dit nog zachtjes uitgedrukt was, is me tijdens de thuisreis beslist duidelijk geworden. Met de huidige hydraulische niveauregeling zal de Daimler niet door de keuring komen. Het is een prachtig systeem, maar de korte levensduur is dermate berucht dat ook Jaguar zelf bij elke klacht het systeem vervangt door conventionele schokdempers, waarbij overigens ook de veren moeten worden vervangen. Op de aanpak hiervan, de verkrijgbaarheid van onderdelen en werkplaatshandboeken en op het gereed krijgen voor de RDW-keuring heb ik me de dagen na aankomst gericht. Op dit moment staat de auto in een loods. Het importeren (inklaren) in Nederland is gelukt met de formulieren die de Zwitserse douane voor me corrigeerde en afstempelde, de BTW is voldaan, maar de registratie en kentekening in Nederland moet nog plaatsvinden. Daarbij moet ik ook de rest-BPM nog betalen. De Daimler mag dus jammer genoeg nog niet de weg op.

Wakker worden met de Zwitserse bergen

Het is al bijzonder om met de nachttrein naar Zwitserland te reizen om er drie mooie auto's te gaan bekijken in de hoop in één ervan naar huis te rijden, maar wakker worden in een trein met uitzicht op de bergen en het meer van Genève is bijna nog bijzonderder.
Alle foto's op deze pagina's Rens Swart, tenzij anders aangegeven

In Gen¸ve stroomt de Rh™ne het meer in

Ik moest veel lopen, maar had even tijd in Genève de Rhône te fotograferen.

De 140 meter hoge fontein in het meer van Gen¸ve

De fameuze fontein in het meer van Genève spuit 140 meter hoog. En nu snel naar het station lopen voor de volgende Daimler!

Ik heb nog veel meer foto's maar die hebt u nog van me tegoed.

Met vriendelijke groeten,
Rens Swart